Ok

By continuing your visit to this site, you accept the use of cookies. These ensure the smooth running of our services. Learn more.

10/07/2008

Reisverslag Cuba (donderdag 26 juni)

De dag begon slecht: zowel Godelieve als ik voelen ons niet lekker wanneer de wekker gaat. Een tekort aan nachtrust? Iets verkeerd gegeten of gedronken? Een late jetlag-aanval? Geen idee, maar wanneer we in alle vroegte aan de ontbijttafel aanschoven hadden we weinig zin in voedsel.

Wanneer de bus ons kwam oppikken voelden ons pas echt slecht: de beenruimte was zo krap dat zelfs Godelieve gekneld zat. Kan je je voorstellen wat voor een effect dat op mijn zithouding had. Zeker nadat we wisten dat we van 5u30 tot 22u quasi non-stop in de bus zouden zitten.

Een viertal uurtjes later kwamen we aan in de eerste van de 3 steden die we zouden bezoeken: Cienfuegos. Een rustig, ingeslapen stadje, met oude huizen in heerlijk geschilderde kleuren. Blijkbaar bepaalt de plaatselijke overheid in welke kleur en wanneer de gevels van de huizen worden geschilderd. We hadden slechts een halfuurtje tijd om rond te wandelen, net genoeg voor enkele foto's en een korte wandeling door een Cubaanse winkelstraat.

Na alweer een uurtje in de bus arriveerden we in Trinidad. Dit dorpje valt maar in één woord samen te vatten: adembenemend! De oude huisjes, de straten vol hobbelige kasseien, de Amerikaanse oldtimers, ... Je merkt duidelijk dat (door de verre verplaatsing) er hier minder toeristen komen. We genoten van een lichte lunch, dewelke werd opgeluisterd door een bandje.

Na de lunch hadden we alweer even tijd om wat rond te wandelen (voor foto's) en beklommen we nog een toren die ons een verbluffend uitzicht bood op het dorpje en de wijde omgeving. We sloten ons bezoek aan het stadje af met een terrasje, waar we een plaatselijk drankje aangeboden kregen: limoen, rietsuiker, rum, honing en bruiswater.

Van Trinidad ging de rit (2u) naar Santa Clara, de plaats waar de Cubaanse held Ché Guevara met een lokale schone trouwde en vanwaar hij de verzetsbeweging begon te leiden. Deze bestemming werd een beetje een teleurstelling: buiten de urne van Ché en een klein museumpje viel er helemaal niets te zien of te beleven.

Het werd tijd om de lange rit hotelwaarts aan te vangen. Na 3 uurtjes bussen werd er even halt gehouden voor een sanitaire stop, om anderhalf uur later aan het hotel toe te komen.

Verrassing van de dag was onze gids: een hele dag hield hij vol alleen Engels en Spaans te spreken. Tot ik helemaal op het einde vroeg of de fooi gesplit zou worden tussen de chauffeur en hem, waarop hij in mooi Nederlands antwoordde dat ze alles deelden. Blijkbaar had deze jongeman in zowat hele Europa gestudeerd: telkens 6 maanden in Brussel, Amsterdam, Berlijn, Londen, Parijs, Barcelona, Milaan en Stockholm. Dit allemaal in het kader van de promotie van Cuba.

We kwamen nog net op tijd in het hotel aan om nog snel een hapje te eten.

De commentaren zijn gesloten.